![]() © Carine Hekker 2009 Biografie Baban is geboren in 1974 in Kirkuk (Koerdistan, Irak). In 1997 is hij afgestudeerd in de Arabische taal- en letterkunde. Hij groeide op als jongste zoon in een gezin waar literatuur en kunst bij het dagelijks leven hoorde. Als kind hoorde hij zijn oudste broer klassieke werken uit de wereldliteratuur voorlezen. Ook de gedichten van Roemi maakten veel indruk op Baban. Als achtjarige maakte Baban zijn eerste gedicht, over de rivier Khasa in zijn stad Kirkuk. Op de middelbare school schreef hij gedichten en verhalen. Vanaf 1994 publiceerde hij zijn gedichten in diverse kranten en literaire tijdschriften. Hij won poëzieprijzen en verzorgde optredens op poëziefestivals. Hij maakte deel uit van een groep dichters die een nieuw geluid lieten horen over de positie van de vrouw en over de politieke situatie in Irak. Baban was mede-oprichter van het literair tijdschrift Sawat Al-Tamim (stem van Kirkuk). In 1998 verscheen zijn dichtbundel Ruïne van Babylon. Baban werd bekend onder het grote publiek en dat viel op bij het Iraakse regime. Toen hem in 1999 werd gevraagd om propagandistisch werk te schrijven, is Baban gevlucht. Hij wilde geen vuile inkt in zijn poëzie. In Nederland maakte hij zich de taal snel machtig en begon gedichten en verhalen in het Nederlands te schrijven. Hij stond vanaf 2002 op Nederlandse poëziepodia en Nederlandse en Belgische literaire tijdschriften publiceerden gedichten van hem. In 2006 publiceerde hij de dichtbundel Op weg naar Ararat. In zijn woonplaats Utrecht organiseert Baban het maandelijkse poëziepodium Meer woorden meer kleuren. In 2008 maakte hij op verzoek van zangeres Frédérique Spigt een gedicht voor haar cd ‘Vreemd’. Begin 2009 was hij kandidaat voor het stadsdichterschap van Utrecht. Vanuit de samen met muzikant en componist Monir Goran opgerichte stichting Eufraat Tigris verzorgt Baban ook regelmatig lezingen over literatuur, geschiedenis en soefisme van het Oosten. Citaten over het werk van Baban
Over Op weg naar Ararat:
… gedichten die getuigen van een absorberende hartstocht … Poëziecentrum …Ziba is een prachtig gedicht over verlangen en heimwee… …hij dicht anders dan zijn Nederlandse collega’s… …het zijn grote verlangens…met de eeuwige kosmos… |
Kader Abdolah over Baban
Langs de brug
Groeiden braamstruiken En onder de brug De rivier stroomde langzaam Citaat uit De ziel (Op weg naar Ararat) In de afgelopen twintig jaar zijn er vele immigranten het land binnengekomen. Een van hen is Baban. Met zijn gedichten gaat hij Nederland nog mooier maken. De gedichten van Baban hebben de wilde kleuren van een Koerdisch landschap en tonen het verdriet, maar ook het vrolijke ritme van de Koerdische liederen.
Simon Vinkenoog over Baban
“Het zijn grote verlangens, die Baban uitspreekt. Soms is het alsof hij meer contact heeft met de eeuwige kosmos en de weidse natuur, dan met de wereld, waarin de ene mens de ander kwetst of opjaagt. Het is de hoop die hem staande houdt, het is de levende taal die hij in zich voelt zingen, hij koestert bevrijdende verwachtingen, hij is een en al aandacht.
In zijn reis door de Nederlandse taal wens ik Baban alle ontmoetingen toe die zijn dichterlijk vuur doen ontvlammen – getrouw aan zijn welsprekende regels: ‘Ik ga aan de slag / Met de zon in mijn bloed.” Bibliografie
Ruïne van Babylon
1998, Bagdad Lente Licht Inleiding gedichtenbundel: Utrechtse lokale televisiezender Utopics interviewt Baban Op weg naar Ararat Lontananza |

